Mijn momentjes

Momenten uit mijn leven die ik wil delen

Katjes!!!!

maart10

Muizen!! Iedere morgen liggen er keuteltjes in de keuken. Moeder griezelt ervan. Er worden vallen gezet en iedere dag vinden we wel weer een nieuw ‘lijk’ in een val. Maar de muizenplaag blijft, er komt geen einde aan. Er moet een poes komen, besluiten vader en moeder op een avond. Mijn zusje Margo en ik bedelen om twee katjes. Eerst voelen vader en moeder daar niet zoveel voor, maar uiteindelijk geven ze toe. Er zijn immers muizen genoeg. Het moeten wel jonge katjes zijn, die lopen niet weg. Zondagmorgen na de mis gaan we naar een boerderij in de buurt. Margo fietst en ik zit op de bagagedrager. Moeder heeft een grote doos meegegeven met een oude lap erin waarin de katjes lekker warm blijven. De terugweg moeten we lopen, de doos op de bagagedrager zetten en vasthouden. De hele weg zingen en lachen we. We verheugen ons zó op de poesjes.

De boerin is een vriendelijke vrouw. Ja hoor, ze hebben wel twee katjes voor ons maar eerst krijgen we een beker verse melk en een eigengebakken koekje. Wat een traktatie. Ze brengt ons naar de boer, een norse man, en vertelde wat wij willen. ‘Kom mee’, zegt hij kortaf en brengt ons naar een grote schuur. ‘Ik heb het kreng met haar jongen gisteren gevonden. Kies maar uit wat je wil, de rest verzuip ik straks, met moeders erbij’. Hij loopt weg, Margo en mij griezelend achterlatend over zoveel wreedheid. We kunnen niet kiezen en hebben medelijden met moederpoes en haar zes jonkies, de een nog leuker dan de ander. Wie moeten we kiezen? Wie gaat hij straks verzuipen? Onze vrolijkheid is over en met tranen in de ogen staan we te overleggen. Vooruit ‘maedjes’ ik heb niet de hele dag. We zeggen dat we niet kunnen besluiten. ‘Dan neem je toch alles mee’, zegt hij.

Wat een goed idee! Moederpoes stribbelt heftig tegen maar uiteindelijk zit toch de hele kattenbende in de doos en gaan we vrolijk op weg naar huis. Uit de  doos klinkt geregeld gejammer van moederpoes en de kleintjes piepen zielig mee. Hoe dichter bij huis, hoe stiller we worden. We hebben immers al om twee katjes moeten bedelen. Wat zullen vader en moeder zeggen als we met zeven katten thuiskomen? De hele familie is thuis en de oudere broers en onze grote zus liggen in een deuk omdat wij het aandurven om met zeven in plaats van twee katten thuis te komen. Inderdaad, moeder moppert maar vooral over de boer die ons katjes mee had willen geven die hooguit drie weken oud zijn. We moeten ze maar terugbrengen. Met dikke tranen vertellen we wat de boer heeft gezegd. Iedereen roept; ‘Wat gemeen’.

Vader wordt erbij geroepen en er volgt druk overleg wat te doen. Alle kinderen roepen; ‘Ze mogen niet dood’. Na veel heen en weer gepraat wordt besloten dat het hele spul dan maar moet blijven. Moederpoes kan alvast beginnen de muizenplaag onder poten te nemen. Dat doet ze ook ijverig. Mensen zoeken die een jong poesje willen is geen probleem. Veel mensen in de buurt hebben een muizenplaag. De buurtkinderen komen iedere dag kijken en degenen die geen katje mogen zijn stik jaloers. Twee katjes blijven, de andere vier gaan naar hun nieuwe baasjes als ze oud genoeg zijn. Mama poes blijft een beetje mensenschuw en als haar jonkies oud genoeg zijn en haar niet meer nodig hebben, verdwijnt ze zomaar. We hebben nog gezocht, maar haar nooit meer gevonden.
www.stichtingkatimo.nl

oudefoto-kopie

Email will not be published

Website example

Your Comment: